
122
Vóór gebruik
Basishandleiding
Handleiding voor gevorderden
1
Basishandelingen van
de camera
2
Modus Creatieve
opname
3
Auto-modus/Modus
Hybride automatisch
4
Andere opnamestanden
6
Afspeelmodus
7
Wi-Fi-functies
8
Menu Instellingen
9
Accessoires
10
Bijlage
Index
5
P-modus
Er worden geen AF-kaders weergegeven en de camera stelt niet scherp
wanneer de sluiterring half wordt indrukt.
● Om de AF-kaders weer te geven en de camera goed te laten scherpstellen,
probeert u de gebieden met veel contrast in het centrum van de compositie
te plaatsen voordat u de sluiterring half indrukt. Of probeer de ontspanknop
meerdere malen half in te drukken.
De onderwerpen in de opnamen zijn te donker.
● Stel de itsmodus in op [ ] (
=
61).
● Pas de helderheid aan met behulp van belichtingscompensatie (
=
59).
● Gebruik spotmeting (
=
59).
De onderwerpen zijn te helder, de highlights zijn vervaagd.
● Stel de itsmodus in op [ ] (
=
42).
● Pas de helderheid aan met behulp van belichtingscompensatie (
=
59).
● Gebruik spotmeting (
=
59).
● Verminder de belichting van het onderwerp.
De opnamen zijn te donker, ondanks dat er is geitst (
=
36).
● Maak de opname binnen het bereik van de its (
=
134).
● Verhoog de ISO-waarde (
=
60).
De onderwerpen in geitste foto’s zijn te helder, de highlights zijn
vervaagd.
● Maak de opname binnen het bereik van de its (
=
134).
● Stel de itsmodus in op [
] (
=
42).
Er verschijnen witte stipjes op itsopnames.
● Dit komt doordat het licht van de itser wordt weerspiegeld door stof- of andere
deeltjes in de lucht.
Opnamen zien er korrelig uit.
● Verlaag de ISO-waarde (
=
60).
De onderwerpen hebben rode ogen.
● Bewerk beelden met Rode-ogencorrectie (
=
77).
Het schrijven naar een geheugenkaart duurt te lang of het maken van
continue opnamen gaat langzamer.
● Voer via de camera een low-level format van de geheugenkaart uit (
=
109).
Er kunnen geen opnamen worden gemaakt.
● Druk in de afspeelmodus (
=
63) de [ ]-knop half in (
=
23).
Vreemde weergave op het scherm bij weinig licht (
=
26).
Vreemde weergave op het scherm bij opnamen.
● Houd er rekening mee dat de volgende weergaveproblemen niet op foto’s worden
vastgelegd, maar wel in lms worden opgenomen.
- Als u opnamen maakt bij TL- of LED-verlichting kan het scherm ikkeren en
kan een horizontale band verschijnen.
Er is geen datumstempel aan de beelden toegevoegd.
● Hoewel deze camera geen datumstempel aan de beelden toe kan voegen, kan
deze wel als volgt toegevoegd worden bij het afdrukken.
- Afdrukken met de software
Zie “Softwarehandleiding” (
=
114).
- Gebruik de printerfuncties om af te drukken
[ ] verschijnt wanneer de sluiterring half wordt ingedrukt (
=
36).
● Stel [IS modus] in op [Continu] (
=
61).
● Stel de itsmodus in op [
] (
=
61).
● Verhoog de ISO-waarde (
=
60).
● Plaats de camera op een statief of neem andere maatregelen om de camera stil
te houden. Stel daarnaast [IS modus] in op [Uit] als u opnamen maakt met een
statief of een ander middel gebruikt om de camera stil te houden (
=
61).
De opnamen zijn niet scherp.
● Druk de sluiterring half in om scherp te stellen op het onderwerp en druk de knop
daarna volledig in om een opname te maken (
=
24).
● Zorg dat de onderwerpen zich binnen het scherpstelbereik bevinden (
=
134).
● Stel [AF-hulplicht] in op [Aan] (
=
50).
Opnamen zijn wazig.
● Afhankelijk van de omstandigheden tijdens de opname kan vervaging van
beelden optreden wanneer Touch Shutter wordt gebruikt. Houd de camera stil
tijdens de opname.
Komentarze do niniejszej Instrukcji