
74
Vóór gebruik
Basishandleiding
Handleiding voor gevorderden
1
Basishandelingen van
de camera
2
Modus Creatieve
opname
3
Auto-modus/Modus
Hybride automatisch
4
Andere opnamestanden
6
Afspeelmodus
7
Wi-Fi-functies
8
Menu Instellingen
9
Accessoires
10
Bijlage
Index
5
P-modus
Voer deze stappen uit om automatisch draaien van beelden uit te
schakelen. Bij automatisch draaien worden beelden gedraaid, afhankelijk
van de huidige oriëntatie van de camera.
● Tik op [
], tik op [ ], kies
[Autom. draaien] op het tabblad [ ] en
kies vervolgens [Uit] (
=
28).
● Beelden kunnen niet worden geroteerd (
=
74) als u [Autom.
draaien] instelt op [Uit]. Daarnaast worden reeds geroteerde
beelden ook in hun oorspronkelijke richting weergegeven.
Wijzig de stand van beelden en sla ze als volgt op.
● Tik op [ ] en selecteer [ ] in het
menu (
=
27).
● Tik op [ ] of [ ], afhankelijk van de
gewenste richting. Het beeld wordt
telkens als u tikt 90° geroteerd. Tik op
[ ] om de instelling te voltooien.
● Rotatie is niet mogelijk als [Autom. draaien] is ingesteld op [Uit]
(
=
74).
● U kunt [Roteren] ook kiezen op het tabblad [ ] door op
[
] te tikken nadat u hebt getikt op [ ] om het
scherm uit stap 2 weer te geven (
=
28).
Komentarze do niniejszej Instrukcji